U bevindt zich hier: Bronovo / Patiënten en bezoekers / Patiëntenvoorlichting / Borstreconstructie...

Borstreconstructie - primaire

Primaire borstreconstructie met prothese of tissue expander

Inleiding
U heeft besloten een primaire borstreconstructie te laten verrichten. Dit houdt in dat de borstamputatie én de borstreconstructie tijdens dezelfde operatie plaatsvinden. De amputatie wordt uitgevoerd door een algemeen chirurg en de reconstructie door een plastisch chirurg.

Als er een vorm van kanker is vastgesteld, wordt de ingreep enkelzijdig uitgevoerd; dus alleen aan de kant van de borst die is aangetast. Er zijn ook situaties waarbij de operatie tegelijkertijd aan beide borsten wordt uitgevoerd. Het betreft dan vrouwen bij wie is geconstateerd dat ze draagster zijn van één van de BrCa-genen of die een zeer belastende ziektegeschiedenis hebben in de familie. Borstamputatie is dan een preventieve ingreep om borstkanker te voorkomen.

Men komt alleen in aanmerking voor primaire borstreconstructie als men niet is bestraald en niet bestraald hoeft te worden. Een primaire borstreconstructie heeft geen nadelen ten opzichte van een uitgestelde (secundaire) borstreconstructie. Het heeft als voordeel dat u een of twee keer minder geopereerd hoeft te worden.

De operatie
In de meeste gevallen zal de algemeen chirurg bij u een zogenaamde huidsparende borstklieramputatie verrichten. Dat betekent dat de borstklier ‘uitgepeld’ wordt en dat de omringende huid zoveel mogelijk behouden blijft voor de reconstructie. De tepel en tepelhof kunnen niet worden behouden. Het verloop van het litteken kan verticaal schuin, of horizontaal zijn. Dit zullen uw chirurgen met u voor de operatie bespreken.

Nadat de borstklier is weggehaald en opgestuurd is voor weefselonderzoek, zal er onder uw borstspier een prothese geplaatst worden of een tissue expander. Aan het eind van de operatie worden één of twee drains in het wondbed achtergelaten. Het hangt van de hoeveelheid vocht uit de drains af hoelang u in het ziekenhuis opgenomen moet blijven. De drains worden pas verwijderd als er nagenoeg geen vocht meer in de drains is gekomen. De hoeveelheid vocht dat na deze operatie wordt aangemaakt is wisselend. Het komt soms voor dat de borstspier te kort is om er direct de gewenste prothese onder te kunnen plaatsen. Dan zal er in de eerste instantie een zogenaamde ‘tissue-expander’ worden geplaatst. Dit is een ballon die gevuld is met vocht (fysiologisch zout). Deze ballon wordt wekelijks op de polikliniek bijgevuld totdat er voldoende rek in de weefsels is opgetreden om later een definitieve prothese te kunnen plaatsen. Hiervoor is een tweede - kortdurende - operatie noodzakelijk.

Resultaat na de operatie
Bij borstreconstructie wordt er naar gestreefd de natuurlijke lijn en vorm van uw figuur zo goed mogelijk na te bootsen. De chirurgen besteden veel zorg aan de esthetische aspecten van deze ingreep. Het is de bedoeling dat u geen beperkingen ondervindt wat betreft uw uiterlijk en de keuze van uw kleding. Toch kan een gereconstrueerde borst uw echte borst nooit helemaal vervangen en zal -als u een enkelzijdige reconstructie heeft ondergaan - altijd afwijken van de andere borst. Op termijn kan het volume van uw andere borst aangepast worden, zodat er zoveel mogelijk symmetrie ontstaat. Uw gewicht moet zoveel mogelijk constant blijven om ongelijkheid te voorkomen.

Mogelijke complicaties
De algemene complicaties die na iedere operatie kunnen optreden zijn:

  • een nabloeding. Hierbij gaan er bloedvaten die tijdens de operatie dicht zijn gemaakt weer open; hoesten of persen kan hier de oorzaak van zijn. Indien zich te veel bloed ophoopt bij de prothese, zal er een re-operatie plaatsvinden waarbij de bron van de nabloeding wordt opgespoord en wordt verholpen, en de stolsels worden opgeruimd verwijderd.
  • het lichaam is achtergelaten, is de kans op infectie bij deze operatie iets groter dan bij andere ingrepen. Dit kan een afstotingsreactie zijn. Indien er een infectie rond de prothese optreedt, zal in vele gevallen de prothese verwijderd moeten worden. Pas nadat het lichaam weer is hersteld (circa drie maanden) wordt er opnieuw een prothese of tissue expander ingebracht.
    De kans dat deze complicatie zich voordoet is veel groter bij vrouwen die roken, en/of te zwaar zijn. In dit geval zal uw plastisch chirurg met u afspreken dat u voor de operatie stopt met roken en dat u uw gewicht normaliseert.

Kapselvorming
Een complicatie die specifiek na het inbrengen van borstimplantaten kan optreden, meestal op de lange termijn, is kapselvorming. Het lichaam maakt altijd een laag bindweefsel aan rondom de prothese omdat het lichaamsvreemd materiaal is. Bij de meeste vrouwen blijft dit een mooi, soepele, niet voelbare kapsel. Bij een klein percentage wordt het kapsel op den duur actief en groeit. Het kan tot gevolg hebben dat de borst hard en pijnlijk wordt. Indien dit het geval is, moet de prothese worden vervangen.

Weer thuis
Omdat de prothese onder uw spier is geplaatst en het wondbed heel groot is, is het van belang om uw borstspier te ontzien en rustig aan te doen. Hieronder geven wij u aantal aanbevelingen:

  • Na de operatie gedurende één week geen aspirinehoudende middelen gebruiken in verband met nabloedingsgevaar. Deze middelen werken bloedverdunnend en geven een kans op bloeding.
  • U mag zes weken uw borstspieren niet belasten: niet tillen (ook geen kind), niet autorijden, geen zware huishoudelijke taken verrichten, geen boodschappentas dragen, de hond uitlaten enz.
  • U mag gedurende vier weken niet in bad (wel douchen).
  • Na het douchen de door uw arts voorgeschreven zalf op de wonden aanbrengen.
  • U mag minimaal zes weken na de operatie niet roken.
  • U mag een BH dragen. Als u dit niet prettig vindt, is dit niet noodzakelijk.
  • De eerste weken heeft u hulp nodig in het huishouden; dit kan eventueel via het ziekenhuis of de huisarts worden geregeld.

Tot slot
Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neemt u dan contact opnemen met de polikliniek Plastische Chirurgie. De polikliniek is te bereiken op maandag en donderdag van 10.00 -12.00 uur en van 14.00 - 16.00 uur via telefoonnummer: 070 312 44 99.

Patiëntenvoorlichting
KWF Kankerbestijding heeft over verschillende onderwerpen gratis aparte uitgaven beschikbaar. Deze zijn beschikbaar bij Bureau Voorlichting & Documentatie in de Centrale Hal.
Zie ook www.kwfkankerbestrijding.nl.
Gratis KWF Kanker Infolijn 0800 - 022 66 22. 

BorstkankerVereniging Nederland (BNV)
BorstkankerVereniging Nederland is een landelijke non-profit organisatie voor mensen die te maken hebben of hebben gehad met borstkanker.
Adres:
BorstkankerVereniging Nederland
Postbus 8065
3503 RB Utrecht
Tel: 030 - 291 72 22
www.borstkanker.nl

Uitgave: oktober 2009 /329