U bevindt zich hier: Bronovo / Patiënten en bezoekers / Patiëntenvoorlichting / Wortelblokkade

Wortelblokkade

De Wortelblokkade

Inleiding

Wanneer pijnklachten gepaard gaan met tintelingen en veranderingen in gevoel en/of kracht, kunnen deze veroorzaakt worden door een beklemming van één of meer zenuwen of takjes daarvan. De meeste bekende oorzaak hiervan is de hernia, die zowel in de nek als in de lendenwervelkolom voor dergelijke ongemakken kan zorgen. Ook veranderingen aan de wervelgewrichten kunnen vernauwingen geven bij de uittredeplaatsen van zenuwen uit de wervelkolom.
Indien deze klachten en de afwijkingen bij lichamelijk onderzoek daar aanleiding toe geven, kan het nodig zijn om uit te zoeken welke zenuw betrokken is bij de pijn. Om aan te tonen of aannemelijk te maken dat er een bepaalde zenuw hierbij betrokken is, is het nodig deze zenuw te verdoven. Dit gebeurt dan onder röntgendoorlichting op de behandelkamer.

Proefbehandeling
Nadat het naaldje op zijn plaats is gebracht, wordt dit met behulp van contrastmiddel bevestigd. Hierna volgt er een elektrische stimulatie, waarbij getest wordt of de door de stimulatie opgewekte tintelingen zich bevinden in het gebied waar de pijn meestal waargenomen wordt. Als dit het geval is, wordt de zenuw met Lidocaine, een kortwerkend plaatselijk verdovingsmiddel, verdoofd. Als de verdoofde zenuw bij het pijnproces betrokken is, zal de pijn gedurende 1,5 tot 3 uur en soms nog veel langer fors zijn verminderd of zijn verdwenen.Het is de bedoeling dat u in die periode, direct aansluitend op de verdoving zoveel mogelijk die bewegingen maakt die normaal fors pijnlijk zijn, anders is het niet goed te bewijzen waar de pijn uiteindelijk zijn oorsprong heeft.

Beloop
Als de verdoving is uitgewerkt komt de pijn over het algemeen weer terug. Soms is die tijdelijk wat erger als voorheen; vaak ook is de pijn veel milder en in een enkel gevoel komt deze pas na maanden weer terug.
Dat komt door de overmatig activiteit die nodig was voor het testen en soms ook doordat de pijn helemaal is weggeweest en u er weer door wordt overvallen.Geleidelijk zal het gevoel wel weer normaal worden.

Indien een dergelijk test echter geen pijnvermindering oplevert dan is het noodzakelijk een dergelijk procedure ook uit te voeren voor de onder- en bovenliggende zenuw. Aangezien de testbaarheid van een zenuw na verdoving meestal 12 uur verminderd is, zullen die andere proefblokkades op verschillende andere dagen moeten worden uitgevoerd.
Blijkt na één of meerdere tests dat er een duidelijk aan te wijzen zenuw is die de bovengenoemde pijklachten veroorzaakt, dan kan deze met een warmteblokkade worden behandeld.

Behandeling
Tijdens deze Radio Frequente (RF) therapie wordt de zenuw zodanig verwarmd dat de pijnvezels in de zenuw een stuk minder actief worden. Het mechanisme waarmee deze warmte wordt opgewekt is vergelijkbaar met de werking van de magnetronoven. Hierbij kan de omgeving van de elektrode in een straal van 1 mm op de gewenste temperatuur worden gebracht. Wel is het noodzakelijk dat de positie van de naaldpunt nu nog preciezer is als bij de testblokkade.
Daartoe wordt getest bij welke stroomsterkte er gevoelssensaties in de zenuw kunnen worden opgewekt en bij welke minimale stroomsterkte er spiertrekkingen optreden. De uitkomsten van deze metingen geven een belangrijke indicatie van de positie van de naaldpunt t.o.v. de zenuwwortel; deze positie kan daarna indien gewenst worden aangepast en opnieuw getest.

Effecten
Na de behandeling duurt het 2-4 maanden voordat er geleidelijk sprake is van vermindering van de pijn en toename van de functie. In deze periode kan de pijn tijdelijk zelfs iets toenemen als gevolg van de warmte(blaar) in de zenuwstructuren.Over het algemeen verloopt deze procedure zonder al te veel problemen.

In alle gevallen, ten tijde van de testblokkade(s) en de definitieve behandeling, is het essentieel dat het bloed niet te veel ontstold is.
Dus als u onder behandeling van de trombosedienst bent of bloedverdunners zoals Ascal of Aspirine gebruikt, dienen de bloedverdunners een week van te voren gestopt te worden om de kans op een bloeding in of net buiten het ruggenmergskanaal te verminderen.

Complicaties
De meeste risico's van een dergelijke ingreep betreffen het gebruik van het plaatselijk verdovingsmiddel. Deze kan ongemerkt in de bloedbaan of in het ruggenmergsvocht rondom de zenuwwortel terechtkomen en daar voor verschillende reacties zorgen. Indien dit in de nek gebeurt is het zelfs denkbaar dat er een kortdurende toeval optreedt of dat er een forse verdoving van een groot deel van het lichaam ontstaat.
Omdat de werkingsduur van de verdoving gelukkig maar heel kort is zijn dergelijke, zeer zeldzame optredende verschijnselen, slechts kortdurend aanwezig en zonder blijvende gevolgen.

Tot slot 
Als u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft, kunt u contact opnemen met de Pijnpolikliniek, via tel. 070 - 312 40 60.

Uitgave: januari 2011/487