U bevindt zich hier: Bronovo / Patiënten en bezoekers / Patiëntenvoorlichting / Voeding - tijdens...

Voeding - tijdens ziekenhuisopname

Goede voeding tijdens uw ziekenhuisopname  

Ondervoeding door ziekte in het ziekenhuis is een veel voorkomend probleem. Ongeveer één op de drie patiënten is ondervoed of loopt risico om ondervoed te raken. Ondervoeding door ziekte heeft meestal als gevolg dat het herstel minder snel gaat en de reactie op de behandeling niet optimaal is. Daarom moet ondervoeding zo snel mogelijk behandeld worden.
Ook bij overgewicht kan er sprake zijn van ondervoeding. Bij ziekte verliest u geen vetreserve maar juist spiermassa. Dit laatste is niet wenselijk want het bepaalt mede uw weerstand.
Om ondervoeding tijdig te signaleren zijn u bij opname drie vragen gesteld om uw voedingstoestand te beoordelen. In uw situatie is er nu geen sprake van ondervoeding. Extra maatregelen zijn niet nodig.
Het kan zijn dat uw kamergenoten wel extra voeding aangeboden krijgen; dit is om medische redenen noodzakelijk als onderdeel van de behandeling. Het is voor iedere patiënt van belang de voedingstoestand tijdens opname niet te laten verslechteren. Controle van uw voedingstoestand tijdens opname vindt mede plaats door wekelijks het gewicht te bepalen. 

Basis voor een goede voeding
Een goed samengestelde voeding is belangrijk. Als basis voor een gezonde voeding heeft u per dag minimaal de volgende voedingsmiddelen nodig:

  • 3-5 sneetjes brood
  • dieethalvarine/dieetmargarine
  • 2 plakjes kaas
  • 1-2 plakjes vleeswaren
  • glazen melk of melkproducten (bijvoorbeeld yoghurt, vla, karnemelk en pap)
  • 1 hele portie warme maaltijd
  • 2 stuks fruit
  • 1½ liter vocht (± 10 kopjes of glazen)

Bij vragen over voeding kunt u de voedingsassistenten en de verpleegkundige aanspreken. Desgewenst kunt u een diëtist spreken.