U bevindt zich hier:
Bronovo
/
Patiënten en bezoekers
/
Patiëntenvoorlichting
/
Methotrexaat
Methotrexaat
Inleiding
In deze folder vindt u verdere informatie over de reeds met u besproken behandeling met het middel Methotrexaat. Een veel gebruikte benaming voor methotrexaat is MTX. MTX hoort tot de zogenaamde DMARD’s: Disease Modifying Antirheumatic Drugs. Het doel van een behandeling met MTX is uw reumatische ziekte tot rust te brengen, waardoor klachten als pijn, stijfheid en zwellingen afnemen. De werking van MTX begint u pas te merken nadat u het medicijn zo’n zes tot acht weken heeft ingenomen. Wanneer blijkt dat u goed op het middel reageert, kan MTX vele jaren gebruikt worden.
De werking van het middel
De werkzame stof methotrexaat onderdrukt het afweersysteem en remt ontstekingen. Bij reuma wordt methotrexaat in een lage dosering gebruikt: 7,5 tot 30 mg per week.
Het effect van MTX treedt nooit meteen op, maar meestal na zes tot acht weken. Methotrexaat bestaat als tabletten en als injecties.
Het gebruik van de tabletten
Afhankelijk van de door de reumatoloog voorgeschreven dosering, kunt u tot 10 tabletten per week gebruiken 1 tot 6 tabletten per week. Deze tabletten neemt u op één dag in. U kunt hiervoor het beste een vaste dag in de week uitkiezen. Wij adviseren u in uw agenda of op de kalender aan te strepen dat u de tabletten werkelijk ingenomen heeft. Voor het resultaat van MTX is dit heel belangrijk. Neem de tabletten na de maaltijd in, bijvoorbeeld na het ontbijt en na het avondeten. De werking van MTX vermindert wanneer u gelijktijdig of korte tijd na de inname melk of melkprodukten, zoals kaas, gebruikt.
Het gebruik van de injecties.
Omdat u tabletten zelf gemakkelijk kunt innemen, worden over het algemeen injecties weinig gebruikt. Injecties hebben echter het voordeel dat de werking niet verminderd met melkprodukten. Bovendien geven injecties minder maagdarmklachten. Meestal worden de injecties in het ziekenhuis, de polikliniek of door de wijkverpleegkundige toegediend. U kunt leren uzelf te injecteren.
Controle
In het begin is het noodzakelijk dat u elke twee weken uw bloed laat controleren. Het doel hiervan is om rode- en witte bloedlichaampjes, bloedplaatjes, leverfuncties en nierfunctie te controleren. Als uit het bloedonderzoek blijkt dat het aantal tabletten veranderd moet worden, zal contact met u opgenomen worden. Gebeurt dit niet dan kunt u ervan uitgaan dat uw bloed in orde is. U kunt dan de tabletten innemen zoals met u is afgesproken.
Bijwerkingen
De kans op bijwerkingen hangt af van uw eigen gevoeligheid voor deze bijwerkingen en van de hoeveelheid methotrexaat. Methotrexaat werkt in op de aanmaak van foliumzuur. Foliumzuur is in ons lichaam nodig om cellen te laten delen. Minder foliumzuur leidt tot bijwerkingen op plaatsen waar veel celdelingen zijn: maag, darmen, huid, haar en het bloed. Door het voorschrijven van foliumzuur vermindert de kans op deze bijwerkingen.
Mogelijke bijwerkingen zijn:
- Ontstekingen aan het mondslijmvlies, tandvlees en tong
- Slecht kunnen eten
- Misselijkheid, braken
- Diarree
- Bestaande maag- of darmklachten kunnen verergeren
- Bloedarmoede
- Door het tekort aan bloedcellen meer kans op infecties.
Bij langdurig gebruik kan schade optreden aan lever, nieren of longen. Voordat u dit middel gaat gebruiken, heeft uw arts uw bloed op lever- of een nieraandoening gecontroleerd. Bij een ernstige lever- of nieraandoening mag u geen methotrexaat gebruiken. Tijdens het gebruik van methotrexaat wordt uw bloed regelmatig gecontroleerd.
U dient uw arts te waarschuwen bij de volgende verschijnselen:
- Ernstige misselijkheid
- Ernstige diarree met bloedbijmenging
- Kortademigheid
- Gele verkleuring van de huid of ogen.
Zeldzame afwijkingen zijn:
- Knobbels in de nek, oksels of liezen ten gevolge van zwelling van lymfeklieren
- Ontstekingen van het oogslijmvlies
- Haaruitval.
Wanneer u één of meer van bovenstaande bijwerkingen vaststelt, neem dan contact op met uw reumatoloog.
Wanneer u wilt stoppen met methotrexaat moet u dit in overleg met uw reumatoloog doen. Soms verdwijnt een deel van de bijwerkingen bij een verlaging van de dosis of door foliumzuur bij te nemen. Ook kunt u overwegen om injecties te gebruiken.
Combinatie met andere medicijnen
De antibiotica cotrimoxazol en trimethoprim kunnen de bijwerkingen van MTX versterken. Probenecide, een middel tegen jicht, kan eveneens de bijwerkingen versterken.
Tegen reuma worden vaak ook pijnstillers van het NSAID-type gebruikt. Voorbeelden hiervan zijn: naproxen, diclofenac. Ook deze middelen kunnen de bijwerkingen van MTX versterken. Om de kans op bijwerkingen te verkleinen, kunt u op de dag dat u methotrexaat gebruik geen NSAID innemen. Ook de daaropvolgende dag niet. In plaats van een NSAID kunt u paracetamol gebruiken.
Kinderwens, zwangerschap en borstvoeding
Mannen moeten minimaal drie maanden voor de beoogde zwangerschap van hun partner stoppen met MTX.
Vrouwen moeten minimaal drie maanden voor ze zwanger willen worden, stoppen met MTX.
Tijdens de zwangerschap mag het middel niet gebruikt worden.
U mag MTX ook niet gebruiken bij borstvoeding.
Wat mag ik wel/niet doen?
- U mag met dit middel autorijden
- Gebruik geen alcohol. Ook alcohol heeft een negatieve invloed op uw lever. Door de combinatie is de kans op een leveraandoening veel groter.
- Gebruik vanaf twee uur voor tot een uur na inname van de tabletten geen melk of melkprodukten, zoals kaas en yoghurt. Dit geldt niet als u MTX per injectie krijgt toegediend.